Hartelijke dank voor uw bijdrage


Auteur:
Prof. Dr. Wouter W.A. Zuurmond
 
In samenwerking met :  

Stichting Pijn-Hoop


lettergrootte: A  A  A
Neuropathische pijn of zenuwpijn

Neuropathische pijn ontstaat door beschadiging van het zenuwstelsel en niet door stimulatie van de zenuweinden van de A-deltavezels en C-vezels (nociceptieve pijn). De pijn is meestal brandend en tintelend van karakter. Vaak wordt het aanraken van de betrokken huidgebieden als onaangenaam ervaren. De oorzaak van de pijn is soms moeilijk te achterhalen. De therapie bestaat uit het voorschrijven van de neuropathische pijnmiddelen in stap 1 van het bekende stappenplan, al of niet gecombineerd met tramadol.
Littekenpijn is een veelvoorkomende complicatie na trauma en hart-, nier- long- en borstoperaties.
Littekenpijn kan ook behandeld worden door het onderliggende weefsel in te spuiten met verdovende vloeistof met corticosteroïden, bevriezing (cryocoagulatie) of door het lokaal aanbrengen van lidocaïne -, DMSO- of capsaicine-zalven.
Beklemde zenuwen van de hand (carpaletunnelsyndroom) of voet (tarsaletunnelsyndroom) kunnen eveneens behandeld worden door injecties met verdovende vloeistof die is gemengd met corticosteroïden, of door een ontlastende operatie uit te voeren.
Centrale neuropathische pijn treedt veelal op bij multiple sclerose (MS) en herseninfarcten (CVA). Deze pijn is moeilijk te behandelen en maakt patiënten wanhopig. Merkwaardig is het dat het voorkomen van pijn bij multiple sclerose maar heel beperkt in de wetenschappelijke leerboeken vermeld staat, terwijl deze patiënten ook de pijnpolikliniek bezoeken.
Bij centrale pijn is het vooral van belang de patiënt geen valse hoop te geven, maar toch de middelen die voor neuropathische pijn werkzaam zijn te proberen. Dit zijn de neuropathische pijnbehandelingsmiddelen uit stap 1, tramal en eventueel methadon of de fentanylpleister.




terug verder