Hartelijke dank voor uw bijdrage


Auteur:
Paul Wisman
 
In samenwerking met :  

Depressiecentrum


lettergrootte: A  A  A
Oorzaken binnen in de hersenen

Al heel lang proberen allerlei onderzoekers achter de werking van het centraal zenuwstelsel te komen. Verschillende theorieën zijn in de loop van de tijd opgebouwd en vele daarvan zijn inmiddels alweer achterhaald. Tot nu toe is ondanks al het onderzoek nog maar een klein gedeelte van de werking van de hersenen opgehelderd.
De hersenen vormen een zeer complex orgaan met miljarden zenuwcellen. De uitlopers van de zenuwcellen (de zenuwen) zitten niet als elektriciteitsdraden aan elkaar vast. De informatie (in de vorm van elektrische activiteit) kan dus niet zomaar van de ene zenuw direct doorlopen op de andere. Dit gebeurt door middel van afgifte van chemische boodschappers (de neurotransmitters, letterlijk: zenuw-overbrengers) in de zogeheten synaps (dat is de naam voor het contactpunt tussen twee zenuwcellen, de plek waar het uiteinde van de ene zenuwvezel dat van een andere zenuw raakt).
In het ene zenuwuiteinde bevinden zich kleine blaasjes met daarin een kleine hoeveelheid neurotransmitter. Als er een zenuwimpuls door de zenuw loopt en het uiteinde bereikt, zullen die blaasjes zich naar het uiteinde van de zenuw verplaatsen en daar openspringen. Zo komen de neurotransmitters terecht in de smalle ruimte tussen de beide zenuwen, de zogeheten synaptische spleet. Op het oppervlak van de andere zenuw bevinden zich de zogeheten receptoren (de ‘ontvangers’). Die geven, zodra ze met een bij hen passende neurotransmitter in aanraking komen, een elektrische prikkel af, waarna de informatie zijn weg verder kan vervolgen.
Wanneer het signaal is doorgegeven, kan de ‘gebruikte’ neurotransmitter afgebroken worden of weer worden opgenomen door de zenuwcel die de neurotransmitter had afgegeven, om een volgende zenuwimpuls over te brengen.





Er bevinden zich in de hersenen verschillende soorten neurotransmitters. De belangrijkste hiervan zijn: serotonine, noradrenaline, dopamine en acetylcholine. Naast deze vier zijn er inmiddels nog ten minste 30 andere ontdekt.
Het onderzoek naar de activiteit van neurotransmitters is aan het eind van de jaren '50 van de vorige eeuw op gang gekomen. Toen werd min of meer bij toeval ontdekt dat een bepaald middel tegen allergie (Imipramine) over antidepressieve eigenschappen beschikte. Dit lijkt toe te schrijven aan het vermogen van dat middel om de hoeveelheid neurotransmitter in de synaps te verhogen.
Normaal verdwijnt na de impulsoverdracht van de ene op de andere zenuw de neurotransmitter heel snel weer uit de synaps. Dat komt vooral doordat de neurotransmitter weer wordt teruggenomen (heropname) door de zenuwcel waaruit hij was afgegeven. Door deze heropname af te remmen zal de hoeveelheid neurotransmitter in de synaps langer in voldoende mate aanwezig blijven.
Bij mensen met depressies is ontdekt dat er in bepaalde delen van de hersenen een relatief tekort aan de neurotransmitters serotonine en/of noradrenaline bestaat. Ook is ontdekt, dat de concentratie van de afbraakproducten van beide stoffen in de hersenvloeistof verlaagd is. Men weet niet of deze tekorten aangeboren zijn of later pas zijn ontstaan.
De oudere antidepressiva remmen in meer of mindere mate zowel de heropname van serotonine als van noradrenaline. Hierdoor wordt de balans van noradrenaline en serotonine in de hersenen hersteld. Het werkingsmechanisme van deze middelen berust dus op een tweeledig principe; vandaar dat ze ook wel 'tweeledig werkzame antidepressiva'worden genoemd. Er zijn aanwijzingen dat ze op grond van dit werkingsmechanisme ook beter werken, vooral bij ernstige depressies.
Van de moderne middelen werkt mirtazapine (Remeron) ook via een tweeledig werkingsmechanisme. Het betreft hier een effectief negatief terugkoppelingsmechanisme, dat te ingewikkeld is om in dit bestek uit te leggen. Waar het om gaat is dat bij tweeledig werkende antidepressiva de balans tussen serotonine en noradrenaline in de hersenen wordt hersteld, hetgeen bijdraagt aan het genezingsproces.
Tot slot is er ook een groep antidepressiva die weer anders werkt: zij remmen de stof monoamineoxidase, die verantwoordelijk is voor de afbraak van neurotransmitters in de synapsspleet. Ook hier is het gevolg een toename van serotonine en noradrenaline.



terug verder




Doorgaan met depressie


Doorgaan met depressie maakt het onderwerp 'depressie' toegankelijk voor een breed publiek. Het boek behandelt de laatste stand van zaken. Feiten worden aangevuld met vragen en de antwoorden erop. Verder bevat het heel veel voorbeelden en ervaringsverhalen.

Auteur(s) : Paul Wisman
Prijs : € 19,95
ISBN : 9789491549007