|
|
Lichamelijke verklaringen Zoals de toevoeging 'nervosa' voor zowel anorexia nervosa als boulimia nervosa aanduidt, zijn in principe lichamelijke oorzaken van gestoorde eetlust en gewichtsverlies uitgesloten. Hormonale stoornis Lange tijd heeft men gedacht dat magerzucht een gevolg was van een hormonale stoornis. Het uitblijven van de menstruaties en het vaststellen van afwijkingen, vooral in de regulering van de geslachtshormonen, leken hierop te wijzen. Maar intussen is bekend, onder andere door onderzoeken bij 'gezonde' vrouwen die voor een experiment op een vermageringsdieet werden gesteld, dat de gevonden afwijkingen een gevólg zijn van onevenwichtige voeding en/of vermagering, en niet een oorzaak. Biologische klok Voor een biologische verklaring, in de zin van specifiek oorzakelijke factoren, is tot op heden nog geen eenduidig bewijs gevonden. Wel spelen lichamelijke factoren een belangrijke rol bij het in stand houden van een zich reeds ontwikkelende eetstoornis. Zo treedt bij anorexia nervosa al vrij snel een vertraging op van de maaglediging: de maag lijkt zich te verkleinen en wordt als het ware 'lui'. De vertering wordt dus bemoeilijkt, met een dubbel gevolg: de hoeveelheden die men kan verteren worden geleidelijk kleiner en het duurt langer voordat de maag leeg is. Anorexiapatiënten die beseffen dat ze méér 'moeten' eten, stellen vast dat ze dit niet meer 'kunnen'. Hun maag lijkt snel 'vol', en als ze zichzelf dwingen tot extra voedselinname, dan ontstaat vaak misselijkheid of braakneiging. Bij boulimia nervosa lijkt zich het omgekeerde voor te doen. Door overmatige voedselinname is de maag als het ware uitgerekt als een elastische zak, zodat pas na ontzettend veel eten een 'vol' gevoel ontstaat. Een verstoring van het honger- en verzadigingsgevoel is vermoedelijk ook te wijten aan een ontregeling in het hersendeel dat verantwoordelijk is voor de centrale regulering van de voedselopname. Het herstel van deze 'biologische klok' kan meerdere maanden vergen nadat het gewicht en eetpatroon reeds zijn genormaliseerd. Erfelijkheid De laatste jaren duikt steeds vaker de vraag op of eetstoornissen erfelijk bepaald kunnen zijn. Een eerste idee hierover komt uit studies bij tweelingen. De leden van een eeneiige tweeling zijn in genetisch opzicht identiek. Als een van beiden aan magerzucht lijdt, heeft men vastgesteld dat de tweelingzus ongeveer vijftig procent kans heeft ook anorexia nervosa te ontwikkelen (in het geval van boulimia nervosa zou de kans kleiner zijn). Het probleem is echter dat hiermee nog geen erfelijkheid bewezen is. Alle tot nog toe onderzochte tweelingen groeiden namelijk samen op in hetzelfde gezin. De overeenkomst kan dus ook verklaard worden door de gemeenschappelijke opvoeding. Bovendien weten we dat identieke tweelingen het in hun adolescentie veel moeilijker hebben dan anderen om een eigen identiteit te ontwikkelen. Ze moeten zich in hun groei naar volwassenheid niet alleen losmaken van hun ouders, maar ook van elkaar. En het is juist deze thematiek - een zelfstandig individu worden - die bij veel patiënten met een eetstoornis centraal staat in hun psychosociale problematiek. |
Door dik en dun Anorexia en boulimia zijn twee nauw verwante aandoeningen die meestal worden veroorzaakt door de angst om te dik te zijn of te worden. Deze angst neemt dan dusdanige proporties aan dat hij vergeleken kan worden met een fobie die in toenemende mate het leven van de patiënt beheerst. Dit boek is geschreven voor mensen die lijden aan een van deze aandoeningen en die zichzelf beter willen leren kennen en begrijpen.
Registreren
Wilt u regelmatig onze nieuwsbrief met actuele gezondheidsinformatie en aanbiedingen rond boeken ontvangen, ga dan naar de registratiemodule. |






