Hartelijke dank voor uw bijdrage


Auteur:
redactie Spreekuur Thuis
 


lettergrootte: A  A  A
De oorzaken

Bij de meeste mensen met hypertensie wordt ook na uitgebreid onderzoek geen ziekte als achterliggende oorzaak van de te hoge bloeddruk gevonden. In die gevallen spreekt men van een essentiële hypertensie. Ongeveer 95 procent van de mensen met hoge bloeddruk heeft essentiële hypertensie.
Bij 5 procent van de mensen met hypertensie wordt er wel een achterliggende oorzaak gevonden. Voorbeelden hiervan zijn aandoeningen van de nieren en de bijnieren. In dit geval is de hypertensie het gevolg van, of secundair aan een andere ziekte. Daarom spreekt men van een secundaire hypertensie.

Essentiële hypertensie
Bij mensen met essentiële hypertensie wordt geen ziekte als achterliggende oorzaak gevonden. Dat wil overigens niet zeggen dat het bij hen onduidelijk is waarom er sprake is van hypertensie.

Onvermijdbare risicofactoren
Soms kan er toch wel een aanwijzing of een verklaring worden gevonden, al zal dat in de regel niet kunnen bijdragen aan de behandeling voor de hoge bloeddruk. Zo blijkt vaak dat de ouders van mensen met hoge bloeddruk zelf ook een hoge bloeddruk hebben, of dat deze zijn overleden aan de gevolgen van hart- en vaatziekten. Waarschijnlijk spelen bij een deel van de mensen met essentiële hypertensie dus erfelijke factoren een rol.
Wanneer er hart- en vaatziekten in de familie voorkomen spreken we van een 'belaste familieanamnese'. In families waar meerdere leden onder de 60 jaar een hart- of herseninfarct hebben gekregen, kan de oorzaak daarvan een erfelijk bepaalde stoornis in de vetstofwisseling zijn, waardoor het cholesterolgehalte van het bloed veel te hoog wordt. Maar meestal is een belaste familieanamnese een onvermijdbare risicofactor!
Ook het geslacht is een onvermijdbare risicofactor. Mannen hebben een grotere kans op het krijgen van hypertensie en aderverkalking met een hart- of herseninfarct op jonge leeftijd dan vrouwen. Dit verschil heeft te maken met de invloed van de geslachtshormonen op het cholesterol. Mannelijke geslachtshormonen werken ongunstig en vrouwelijke geslachtshormonen werken gunstig op het cholesterolgehalte van het bloed. Daardoor hebben mannen een lager gehalte van het gunstige HDL-cholesterol. Na het 50e jaar, als de vrouw in de overgang komt en de vorming van vrouwelijke hormonen sterk afneemt, verdwijnt dit verschil en lopen vrouwen hetzelfde risico op hart- en vaatziekten als mannen. Zelfs het ras kan een risicofactor zijn: bij het negroïde ras blijken de risico's op het krijgen van hart- en vaatziekten hoger. De oorzaak hiervan is niet bekend.

Bloeddrukverhogende stoffen in het bloed
Verder zijn er aanwijzingen dat in het bloed van mensen met essentiële hypertensie een grotere hoeveelheid aan bepaalde eiwitten of hormonen voorkomt. Het gaat hier om stoffen als angiotensinogeen, renine en het angiotensine converterend enzym (ACE). Dit zijn stoffen die bloeddrukverhogend werken en zowel bij de normale regulatie van de bloeddruk betrokken zijn als ook bij de uitgroei van het vaatstelsel. Sommige bloeddrukverlagende medicijnen zijn speciaal ontwikkeld om de werking van deze bloeddrukverhogende lichaamseigen stoffen te remmen.

Invloed van de bloedvatwand
De afgelopen jaren is ook ontdekt dat het endotheel - de binnenbekleding van de bloedvaten - een belangrijke rol speelt bij het vernauwen en verwijden van de bloedvaten. Een verstoorde functie van het endotheel (endotheeldysfunctie) geeft een bloedvatvernauwing waardoor enerzijds de bloeddruk zal stijgen en anderzijds de bloedvaten gevoelig worden voor beschadiging.

Het zenuwstelsel
Ook het zenuwstelsel is betrokken bij de regulatie van de bloeddruk. Dit gebeurt in het autonome zenuwstelsel, het deel van het zenuwstelsel dat buiten ons bewustzijn en onze wil om het dagelijks functioneren van onder meer onze inwendige organen regelt. Het sympathische zenuwstelsel zet het lichaam tot activiteit aan door de afgifte van de hormonen adrenaline en noradrenaline (allebei zgn. catacholaminen). Noradrenaline zorgt ervoor dat de bloedvaten nauwer worden. Als gevolg hiervan wordt de bloeddruk hoger. Het sympathische zenuwstelsel is erg gevoelig voor stress en hormonen die met stress te maken hebben (o.a. noradrenaline). Ook het hormoon insuline is hierbij betrokken.

Insuline
Insuline is een hormoon dat in de alvleesklier wordt gemaakt en betrokken is bij het regelen van het bloedsuikergehalte van het bloed en verantwoordelijk is voor het transport van suiker uit het bloed naar de spieren. Minder bekend is dat insuline ook een verhogende invloed heeft op de bloeddruk.

Verklaring nog niet sluitend
Hoe al deze genoemde mogelijk bloeddrukverhogende factoren bijdragen aan een bloeddrukverhoging is nog onbekend. Voorlopig is er dus voor de meeste mensen met hypertensie geen duidelijke verklaring voor de bloeddrukverhoging en spreken we bij hen van essentiële hypertensie. Deze grote groep mensen is niet ziek, maar loopt een heel groot risico dit na verloop van jaren wel te worden wanneer zich complicaties van hypertensie gaan voordoen. Vooralsnog zit er niet veel anders op deze grote groep te voorzien van adviezen voor een gezonde leefstijl. Vaak is een behandeling met medicijnen nodig en moeten bijkomende risicofactoren zo mogelijk behandeld worden.

Vermijdbare risicofactoren
De rol van voeding en stress
Zeker is dat een ongezonde voeding (te veel, te vet en te zout) bijdraagt tot het ontstaan van hoge bloeddruk én van andere risicofactoren zoals overgewicht, een te hoog cholesterolgehalte van het bloed en suikerziekte. Dit hoeft echter niet altijd het geval te zijn. Iedereen kent wel iemand die veel kan eten zonder in gewicht aan te komen. Dat neemt niet weg dat bij vrijwel iedereen die dagelijks te veel calorieën binnenkrijgt, het lichaamsgewicht zal gaan toenemen.

Overgewicht
Overgewicht leidt in veel gevallen tot een hoge bloeddruk. Een mogelijke oorzaak is dat veel mensen met een te hoog lichaamsgewicht te hoge insulinespiegels in hun bloed hebben. Omdat bij overgewicht de weefsels steeds minder gevoelig worden voor insuline, moet de alvleesklier steeds meer insuline maken. Dat heeft als nadeel dat de hoeveelheid insuline in het bloed toeneemt, hetgeen een bloeddrukverhogende werking heeft. Na verloop van tijd kan de alvleesklier niet meer aan de verhoogde vraag naar insuline voldoen, en ontstaat er als gevolg van het relatieve insulinetekort suikerziekte.

Werkwijze:
1. Zoek uw lengte op de linkerlijn. Zet daarbij een punt.
2. Zoek uw lichaamsgewicht op de middelste lijn. Zet daarbij ook een punt.
3. Verbind beide punten met een liniaal en trek een streep zoals in het voorbeeld is gebeurd.
4. Lees op de rechterbalk af hoe u uw lichaamsgewicht kunt beoordelen.
Bron: De Nederlandse Hartstichting (dr. P. Deurenberg, L.U. Wageningen).



Zout
Te veel zout in het lichaam kan ertoe leiden dat het lichaam te veel vocht gaat vasthouden. In keukenzout zit o.a. natriumchloride. Het natrium is verantwoordelijk voor het vasthouden van water. Omdat het bloedvolume toeneemt, leidt dat tot een verhoging van de bloeddruk en een overbelasting van het hart. De ervaring leert dat een beperking van de dagelijkse hoeveelheid zout in de voeding bij meer dan vijftig procent van de mensen met hoge bloeddruk leidt tot een daling van de bloeddruk.

Stress
Stress verhoogt de bloeddruk, mede als gevolg van de toegenomen afgifte van de bloeddrukverhogende stof adrenaline door het sympathische zenuwstelsel. Adrenaline veroorzaakt samentrekken van de spiertjes in de bloedvatwanden, waardoor de bloeddruk stijgt. Ook zorgt adrenaline voor een krachtiger en sneller pompen van het hart.
Langdurige stress zou dus best een oorzaak van hypertensie kunnen zijn. Er zijn onderzoeken gedaan waarbij psychologische begeleiding van mensen met veel stress en een hoge bloeddruk leidde tot een normaal worden van de bloeddruk. Helaas was dit gunstige effect vaak slechts van tijdelijk aard, waarschijnlijk omdat het karakter van mensen moeilijk te beïnvloeden is.

Het effect van roken op hypertensie
Roken is een duidelijke risicofactor voor het ontwikkelen van hypertensie. In sigarettenrook zitten zo'n 1500 stoffen opgelost. Een deel daarvan is kankerverwekkend en een deel heeft invloed op de vaatwand: koolmonoxide beschadigt het endo-theel. Hierdoor kan de aderverkalking versnellen en kunnen door trombose infarcten in hart en hersenen ontstaan. De nicotine in sigarettenrook geeft vernauwing van de bloedvaten waardoor de bloeddruk gedurende enige tijd stijgt. Stoppen met roken is dus altijd zinvol.

Is drop schadelijk?
Drop bevat vaak veel zout. Daarnaast zit in veel soorten drop een zoethoutextract (glycirrhizine) dat een directe verhoging van de bloeddruk geeft. Dit komt vooral door het verlies van kalium via de nieren. Een tekort aan kalium kan krampen in de spieren veroorzaken en ook een stijging van de bloeddruk. Bovendien kunnen er door een tekort aan kalium hartritmestoornissen ontstaan. Te veel drop is schadelijk, maar enkele dropjes per dag kunnen geen kwaad.

Het effect van alcohol
Is alcohol slecht? Ja en nee. Zoals altijd geldt: overdaad schaadt. Het is algemeen bekend dat een geringe hoeveelheid alcohol een gunstig effect heeft op de stemming (en dus stressverminderend werkt) en dat dit een positief effect heeft op de sterfte aan hart- en vaatziekten.
Voor mannen geldt dat dagelijkse consumptie van 1 tot 3 eenheden alcoholische drank per dag gedurende 5 tot 6 dagen per week deze effecten bewerkstelligt. Voor vrouwen liggen de getallen wat lager: 1 à 2 eenheden alcoholische drank per dag gedurende 5 tot 6 dagen per week. Dat komt doordat de afbraak van alcohol bij vrouwen iets trager verloopt dan bij mannen.
In principe hebben alle soorten alcoholhoudende dranken een zelfde werking, maar er zijn aanwijzingen dat met name wijn (en dan vooral rode wijn) door het daarin voorkomen van bepaalde antioxidantia extra gunstig zou zijn bij het voorkomen van hart- en vaatziekten. Antioxidantia zijn stoffen die de veroudering van weefsels remmen. Letterlijk vertaald: het zijn roestwerende middelen. Het gebruik van antioxidantia heeft als gevolg dat de samenstelling van vetten in het bloed gunstig wordt beïnvloed. Mogelijk berust het gunstige effect van alcohol ook op het hebben van een bepaalde - Bourgondische - levensstijl (waarbij men vooral van het leven geniet).
Deze gegevens zijn zeker geen pleidooi voor een overmatig alcoholgebruik. Een teveel aan alcohol verhoogt de bloeddruk, leidt tot soms onomkeerbare leverschade, is levensgevaarlijk in het verkeer en kan grote problemen in het sociale leven veroorzaken. De conclusie is dat matig alcoholgebruik plezierig is en geen kwaad kan.

Secundaire hypertensie
Als eenmaal is vastgesteld dat er hypertensie is, zal de arts aanvullend onderzoek doen om te onderzoeken of er een oorzaak voor de hypertensie gevonden kan worden. Het is belangrijk dat vastgesteld wordt welke vorm van hypertensie u heeft omdat de behandeling van essentiële en secundaire hypertensie sterk verschilt.
Ook voor de wetenschap is de scheiding in twee groepen nuttig. Onderzoek onder patiënten met secundaire hypertensie kan namelijk meer inzicht verschaffen over het ontstaan van hoge bloeddruk en mogelijk ook essentiële hypertensie. Hieronder staan de meest voorkomende vormen van secundaire hypertensie vermeld.

Hypertensie door nierziekten
De nieren spelen een centrale rol bij de water- en zouthuishouding van het lichaam. Verstoring van de nierfunctie door (chronische) infecties, de effecten van een langdurig verhoogde bloeddruk, medicijnen met giftige effecten op de nieren (zoals bepaalde antibiotica en pijnstillers) kan tot gevolg hebben dat de nieren te veel zout en water gaan vasthouden. Hierdoor kan het bloedvolume gaan stijgen waarna ook de bloeddruk stijgt of het hart gaat falen.
Hetzelfde fenomeen treedt op indien de doorbloeding van de nieren verminderd is als gevolg van een vernauwing in de slagader van een of beide nieren. Aan het bestaan van een vernauwing in de nierslagader moet altijd gedacht worden als er hypertensie wordt gevonden bij mensen jonger dan 40 jaar of wanneer de bloeddruk met medicijnen erg moeilijk te reguleren is. Doordat de bloeddruk in de nieren daalt en ze te weinig bloed krijgen, zullen ze een hormoon gaan produceren dat de bloeddruk verhoogt (angiotensine) door de bloedvaten overal in het lichaam te vernauwen. Daarnaast zal door angiotensine ook in de bijnier aldosteron geproduceerd gaan worden, waardoor weer extra zout vastgehouden wordt. Zout maakt dan weer dat er te veel water in de bloedcirculatie komt waardoor het vaatstelsel extra onder druk komt te staan.

Behandeling van hypertensie bij nierziekten
Bij hypertensie door nierziekten is een speciale aanpak noodzakelijk. Vaak zijn er verscheidene medicijnen in hogere dosering nodig om de bloeddruk weer binnen de normale waarden te krijgen en er tegelijk voor te zorgen dat de nierfunctie ondanks de lagere bloeddruk niet verder verslechtert.
Bij mensen met een vernauwing van een of beide nierslagaders door aderverkalking of een erfelijke aandoening (fibromusculaire dysplasie) kan vaak door middel van een dotterprocedure de vernauwing worden opgeheven. Ook kan gekozen worden voor een operatie om de circulatie in de nier weer te herstellen. Wanneer de circulatie inderdaad herstelt, zal de hypertensie dikwijls verdwijnen. Deze patiënten moeten dan wel zeer lang onder controle blijven omdat de vernauwing later weer terug kan komen. In dat geval kan de dotterprocedure herhaald worden of kan er - ook weer via de liesslagader - in de vernauwing een stent geplaatst worden. Dit is een soort veertje zoals die in balpennen gebruikt wordt. Dit veertje zorgt er dan voor dat de vernauwing meestal definitief wegblijft. Zo'n veertje is gemaakt van zeer bijzonder metaal dat een mensenleven lang mee kan gaan. Na verloop van weken groeit de normale binnenbekleding van het bloedvat over de stent heen zodat het lichaam er niets van merkt. Een dotterprocedure of operatie aan de nierslagaders kan alleen in gespecialiseerde centra plaatsvinden.

Hypertensie door hormoonstoornissen
Hormonen spelen een belangrijke rol in de regulering van de hoogte van de bloeddruk. Dat verklaart dat stoornissen in de werking van het hormoonsysteem tot hypertensie kunnen leiden.
De belangrijkste zijn stoornissen in de werking van de bijnieren. Hier worden verschillende hormonen gemaakt die onder meer invloed op de bloeddruk hebben. Dit zijn aldosteron, cortisol en (nor)adrenaline.

Hyperaldosteronisme
Bij hyperaldosteronisme wordt door de bijnierschors in overmaat het hormoon aldosteron geproduceerd. Aldosteron heeft een taak in de regulering van de hoeveelheid natrium en kalium in het bloed. Een teveel aan aldosteron is verantwoordelijk voor het vasthouden van extra zout en water en voor het verlies van kalium. Daardoor stijgt de bloeddruk. De normaal toegepaste bloeddrukverlagende medicijnen werken bij hyperaldosteronisme niet.
Wanneer er te veel aldosteron wordt aangemaakt ligt de oorzaak meestal in een overmatige productie in beide bijnieren. In dat geval moet de patiënt behandeld worden met speciale medicijnen.
Soms wordt het teveel aan aldosteron veroorzaakt doordat er een aldosteronproducerende tumor (= gezwel) in een van de bijnieren zit (primair hyperaldosteronisme of syndroom van Conn). Dergelijke patiënten zijn gebaat bij een operatie waarbij de aangedane bijnier verwijderd wordt.

Syndroom van Cushing
Bij het syndroom van Cushing wordt door een gezwel in een van de bijnieren te veel van het bijnierschorshormoon cortisol geproduceerd waardoor, onder andere door het vasthouden van water en zout, de bloeddruk stijgt. Vaak hebben mensen met het syndroom van Cushing ook andere verschijnselen: ze worden dikker met extra vetafzetting op de romp en krijgen een bol vollemaansgezicht; er ontstaat een typische verdikking op de overgang van de nek naar de schouders ('bisonnek'); ze krijgen overmatige beharing op het lichaam en ze ontwikkelen striae, scheurtjes of littekens in de huid op de borst, buik en heupen met typische paarse kleur (te vergelijken met zwangerschapsstriemen). De behandeling van deze aandoening bestaat uit verwijdering van de bijnier met het gezwel.
Naast het syndroom van Cushing bestaat ook de ziekte van Cushing. Daarbij is er sprake van een gezwel in de hypofyse. Dit is een klein orgaan dat onder de voorkwabben van de hersenen is gelegen en dat door de productie van verscheidene hormoonachtige stoffen de werking van alle hormoonproducerende klieren in het lichaam aanstuurt. Als gevolg van een klein gezwel in de hypofyse wordt extra adrenocorticotroop hormoon (ACTH) geproduceerd waardoor de bijnieren worden aangezet tot het maken van extra bijnierschorshormonen. Hierdoor ontstaan dezelfde verschijnselen als bij het syndroom van Cushing, zoals hypertensie. De behandeling van de ziekte van Cushing ligt meestal in handen van internisten die zich gespecialiseerd hebben in aandoeningen van de hypofyse en andere endocriene organen.

Het feochromocytoom
Dit is een zeldzame tumor van het bijniermerg. Deze tumor produceert enorm veel adrenaline en noradrenaline. Deze hormonen hebben een geweldig grote invloed op het sympathische zenuwstelsel en jagen de bloeddruk tot zeer grote hoogte op. Aan de diagnose moet gedacht worden als een patiënt met of zonder hoge bloeddruk bleek ziet en klaagt over aanvallen van hevig transpireren en hartkloppingen. Tijdens zulke aanvallen is de bloeddruk zeer sterk verhoogd. Tussen aanvallen kan de bloeddruk normaal of te hoog zijn. De behandeling bestaat uit operatieve verwijdering van de aangedane bijnier.

Acromegalie
Dit is een aandoening waarbij sprake is van reuzengroei als gevolg van een overmatige productie van groeihormonen door een gezwel in de hypofyse. Bij acromegalie wordt vaak hypertensie gezien. De aandoening kan herkend worden doordat de patiënt grote handen, voeten en oren krijgt en hele grove gelaatstrekken ontwikkelt. Acromegalie komt meestal bij volwassenen voor. De behandeling bestaat uit het toedienen van hormonen die het gezwel in de hypofyse kleiner kunnen maken, bestraling of operatie.

Hyperparathyreoïdie
Hyperparathyreoïdie is een ziekte van de bijschildklieren, waarbij een teveel aan bijschildklierhormonen wordt aangemaakt. Een normaal functionerende bijschildklier zorgt onder meer voor het instandhouden van een normaal calciumgehalte (kalk) van het bloed. Bij hyperparathyreoïdie wordt als gevolg van een teveel aan bijschildklierhormoon de hoeveelheid calcium in het bloed te hoog (hypercalciëmie). Dit veroorzaakt in de regel geen klachten of slechts vage vermoeidheid. Op den duur kan door het hoge kalkgehalte in allerlei organen kalk neerslaan. Dit gebeurt vooral in de nieren, waardoor nierstenen kunnen ontstaan en de nierfunctie verslechtert. Pas bij zeer hoge calciumwaarden van het bloed ontstaan misselijkheid, diarree en sufheid.
Bij ongeveer 30% van de mensen met een verhoogde werking van de bijschildklieren ontstaat hypertensie. Dat kan het gevolg zijn van het hoge calciumgehalte van het bloed, maar ook van de bijkomende slechte nierfunctie.
De behandeling van deze aandoening bestaat uit medicijnen die het kalkgehalte in het bloed verlagen of uit operatieve verwijdering van een of meer bijschildklieren.

De anticonceptiepil
De pil wordt door enorm veel vrouwen geslikt als middel tegen bevruchting. Bij een klein deel van de vrouwen leiden de oestrogenen (dat is een van de twee vrouwelijke hormonen uit de pil) tot een verhoging van de bloeddruk en het lichaamsgewicht. Bij stoppen van de pil kan de bloeddruk weer normaal worden. Ook kan geprobeerd worden of het gebruiken van een laaggedoseerde sub-30 pil beter is voor de bloeddruk.
Het exacte mechanisme waardoor oestrogenen de bloeddruk verhogen is nog niet bekend, maar er wordt vermoed dat dit samenhangt met het vasthouden van water en zout door stimulatie van angiotensine en renine.

Vernauwing van de aorta
Bij een zeer klein deel van de mensen wordt hypertensie veroorzaakt door een vernauwing in de aorta (de grote lichaamsslagader), vlak onder de boog. Daardoor bestaat er een lagere bloeddruk in het onderste deel van het lichaam dan in het bovenste deel. Het gevolg daarvan is, dat met name de nieren te weinig bloed krijgen. Er treedt dan in de nieren een regulatiemechanisme in werking om de bloeddruk te verhogen. Dat gebeurt door extra veel bloeddrukverhogende hormonen (renine en angiotensine) te produceren, opdat er onder de vernauwing misschien een redelijke of normale bloeddruk ontstaat. Het gevolg is dan helaas wel dat er boven de vernauwing een veel te hoge bloeddruk ontstaat, waardoor alle bekende schadelijke gevolgen voor het hart, de hersenen en de ogen kunnen ontstaan.
Een vernauwing van de aorta kan gemakkelijk opgespoord worden door de bloeddruk aan de armen en de benen te meten. Normaalgesproken zijn de drukken gelijk, maar bij een vernauwing van de aorta is de bloeddruk gemeten aan de armen veel hoger dan aan de benen. De aandoening ontstaat meestal kort na de geboorte en behoeft een operatieve correctie.
Tot zover de secundaire vormen van hypertensie. Ze zijn alle zeldzaam maar het bestaan ervan moet altijd overwogen worden omdat er duidelijke consequenties zijn voor de behandeling.

Het insulineresistentiesyndroom
De laatste jaren staat het insulineresistentiesyndroom in de belangstelling. De wetenschappers hebben ontdekt dat in bepaalde families de combinatie overgewicht, verminderde gevoeligheid voor insuline (= insulineresistentie), hypertensie en een gecombineerde stoornis in de vetstofwisseling voorkomt. De mensen die lijden aan dit zogenoemde insulineresistentiesyndroom hebben een sterk verhoogd risico op het krijgen van hart- en vaataandoeningen, al op jonge leeftijd. Verminderde gevoeligheid voor insuline leidt tot verhoogde productie van insuline. Deze hyperinsulinemie leidt weer tot hypertensie. Daarnaast is insulineresistentie de meest bepalende factor voor het krijgen van diabetes mellitus type II (dit is suikerziekte die niet altijd met insuline per injectie, maar met tabletten behandeld kan worden). Helaas wordt de diagnose insulineresistentiesyndroom vaak pas gesteld op het ogenblik dat de eerste complicaties zich openbaren, bijvoorbeeld een hersen- of hartinfarct. Een dieet en levenslang gebruik van verscheidene medicijnen is dan nodig.

De bloeddrukregulatie
Uit hetgeen hiervoor is beschreven is duidelijk geworden dat hypertensie een complexe aandoening is. Veel moeilijker wordt het als we proberen uit te leggen hoe de regulatie van de normale bloeddruk totstandkomt. Kort gezegd komt het erop neer dat de normale bloeddruk wordt gehandhaafd door een samenspel tussen bepaalde delen van de hersenen (de hersenstam), de nieren en het hart. Daarnaast zitten er op meerdere plaatsen in de bloedvaten in het lichaam zogenoemde baroreceptoren. Dat zijn groepjes zenuwcellen die voortdurend de bloeddruk registreren en die in staat zijn stofjes af te geven die de bloeddruk kunnen verhogen of verlagen. Bovendien speelt het endotheel een zeer belangrijke rol bij het handhaven van de bloeddruk.
Bij de behandeling van hypertensie zijn medicijnen ontwikkeld die allemaal verschillende aangrijpingspunten hebben en ergens op een van de plaatsen van de bloeddrukregulatie inwerken. Zo zijn er medicijnen die specifiek in de hersenen werken, ingrijpen in het mechanisme van de water- en zouthuishouding in de nieren of het hart langzamer en minder krachtig laten pompen. Weer andere medicijnen verwijden de bloedvaten. U kunt hier meer over lezen in het hoofdstuk 'De behandeling'.




terug verder