Hartelijke dank voor uw bijdrage


Auteur:
dr. Frans Zoetmulder
 
In samenwerking met :  



Nederlandse Vereniging voor Medische Oncologie


lettergrootte: A  A  A
Herstel na kankeroperaties

In hoeverre een kankerpatiënt door een operatie conditioneel achterop raakt, is sterk afhankelijk van de lichamelijke conditie waarmee hij aan de operatie begon, van het soort operatie en van het verloop erna. Operaties aan de buitenkant van
het lichaam, zoals operaties aan borstkanker of huidkanker hebben meestal weinig invloed op de fysieke gesteldheid. Daarentegen zijn patiënten na een operatie in de buik en aan de longen vaak duidelijk verzwakt. Vooral kankerbehandelingen waarbij behalve operatie ook bestraling en chemotherapie worden gegeven, kunnen een langdurige verzwakking tot gevolg hebben.

Voeding
Een deel van de verzwakking na kankerbehandeling wordt veroorzaakt door simpele ondervoeding. Soms zijn patiënten al voor de operatie ondervoed geraakt door de kanker zelf. Sommige vormen van kanker zoals maag- en slokdarmkanker zijn berucht omdat ze de eetlust al in een vroeg stadium verminderen, waardoor vermagering vaak als eerste verschijnsel optreedt. Het is duidelijk dat deze patiënten al voor operatie de aandacht van een diëtiste behoeven. Ook anderen doen er echter goed aan om als voorbereiding op een kankeroperatie gezond en gevarieerd te eten, eventueel ondersteund met een multivitaminesupplement. Kankerbehandeling is topsport, luidt een aardig gezegde. Net als voor een topsporter is het voor een kankerpatiënt belangrijk zich zo goed mogelijk te voeden, zodat hij met volle reserves kan starten aan het behandeltraject.

Ondervoeding rondom operaties
Rondom de operatie is er vrijwel altijd sprake van onvoldoende voeding. Vaak worden patiënten vanaf de avond voor operatie nuchter gehouden, en krijgen ze pas weer te eten enkele dagen na operatie. En dat terwijl de stress van operatie en ziek zijn juist een grote voedingsbehoefte met zich meebrengen. Veel patiënten vallen dan ook kilo's af rondom operaties. Het vervelende is dat het geen overtollig vet is dat ze kwijtraken, maar dat het lichaam in deze omstandigheden eerst de spieren afbreekt om die als voedingsstoffen te gebruiken. Gevolg is een algemene verzwakking, waardoor patiënten er vaak maanden over doen om weer de oude te worden. De laatste jaren is er veel aandacht voor dit probleem. Niet alleen omdat het voor patiënten vervelend is om te verzwakken, maar ook omdat patiënten die ondervoed raken meer risico lopen op complicaties van hun operatie. Hierbij geldt derhalve eens te meer dat voorkomen beter is dan genezen.

Aanpassingen
Het onderkennen van het probleem van ondervoeding heeft tot praktische aanpassingen geleid. Zo is de periode van nuchter houden voor operatie sterk teruggedrongen en wordt na operatie veel sneller de voedingstoediening hervat. Vaak wordt bij grote operaties voorafgaand aan de operatie al een voedingsslangetje door de neus tot in de twaalfvingerige darm gelegd, waardoor direct na operatie vloeibare voeding in de darm kan lopen. Zo'n slangetje kan ook tijdens operatie direct in de darm worden ingebracht via een aparte opening in de buikwand (jejunostomie). Opmerkelijk is dat terwijl voeding via de maag direct na operatie en narcose soms moeilijk gaat in verband met misselijkheid, voeding die direct in de darm wordt toegediend meestal wel verdragen wordt. Als de darm niet voor voeding kan worden gebruikt, kan ook speciale voeding direct in de bloedbaan worden gebracht. Hiervoor moet wel een speciaal infuus worden aangelegd, zodat de voeding direct in de bovenste holle ader kan vloeien. De reden hiervoor is dat dit soort voeding in hoge mate prikkelend werkt op de wand van aders. Bij een normaal infuus in de arm leidt dit snel tot verstopping van het infuus. In de bovenste holle ader stroomt echter zoveel bloed dat de voeding direct verdund wordt en daardoor niet irriteert. In zijn algemeenheid geldt echter dat voeding via de darm beter opgenomen wordt in het lichaam dan voeding via het infuus.
Vrijwel alle ziekenhuizen hebben diëtisten in dienst, die patiënten tijdens hun herstelfase in het ziekenhuis advies geven over hun voeding en hun ook een advies voor thuis meegeven. Basis voor die voeding is als altijd gevarieerd eten, zodat de patiënten alle typen voedingsstoffen voldoende binnen krijgen. Het lijkt wel een goed idee om in deze opbouwfase een multivitaminepreparaat te nemen om er in elk geval zeker van te zijn dat er geen tekorten zijn. Wonderen moet men er echter niet van verwachten. Het is nog nooit aangetoond dat een overmaat aan bepaalde voedingsstoffen het herstel bevordert.

Bloedarmoede
Bloedarmoede neemt bij het herstel een speciale plaats in. Indien bij operatie een aanzienlijke hoeveelheid bloed verloren is gegaan, zonder dat dit door bloedtransfusie is aangevuld, zal de patiënt tijdelijk bloedarmoede hebben. Dat wil zeggen, dat het bloed een laag gehalte aan bloedpigment heeft, dat zorgt voor het zuurstoftransport (hemoglobine). Dit tekort heeft uitgesproken vermoeidheidsklachten tot gevolg. Het lichaam kan hemoglobine heel goed zelf aanmaken, mits er voldoende ijzer aanwezig is, de voornaamste bouwsteen van hemoglobine. Als patiënten dus bij ontslag uit het ziekenhuis nog bloedarmoede hebben, doen zij er goed aan extra ijzer in te nemen in tabletvorm, totdat het normale hemoglobinegehalte is hersteld.

Beweging
Rust roest. Op bed liggen na een operatie, waarbij de spieren niet gebruikt worden, leidt in combinatie met ondervoeding tot de afbraak van spierweefsel. Dit veroorzaakt al snel uitgesproken verzwakking. Het weer opbouwen van de spieren is een traag proces en kan een hele tijd duren. Ook hier geldt dat voorkomen beter is dan genezen. Hoe sneller de activiteit wordt hervat, hoe minder spierweefsel verloren gaat. In de meeste ziekenhuizen worden patiënten daarom de dag na operatie en soms dezelfde dag al naast hun bed gezet. Fysiotherapeuten bemoeien zich met het stimuleren van beweging. Goede pijnstilling is van essentieel belang. Iemand die pijn heeft na operatie, heeft de neiging zich zo rustig mogelijk houden om pijn te vermijden en dat is juist niet de bedoeling.
Ook na ontslag uit het ziekenhuis is bewegen belangrijk. Het is daarbij verstandig de activiteit rustig op te bouwen. Een activiteit, die zo inspannend is dat de patiënt de volgende dag nog uitgeput is, zet weinig zoden aan de dijk. In de eerste fase na operatie zijn vooral duuractiviteiten aan te raden. Lopen, fietsen en zwemmen, waarbij het traject iedere dag wat langer gemaakt wordt, zijn prima. Explosieve activiteiten kunnen beter voor later worden bewaard. Sporters doen er goed aan snel en in rustig tempo weer aan hun sport te beginnen. Niet-sporters doen er wellicht goed aan om met sporten te beginnen. Niet alleen omdat bewegen zo goed is, maar ook omdat het helpt om zo snel mogelijk de gewone draad van het leven weer op te vatten.

Littekens
Er zijn veel verhalen in omloop over crèmes die littekens mooier kunnen maken. Vitamine-E-crème is bijvoorbeeld populair. Er is echter geen enkel objectief bewijs dat crèmes essentieel van invloed zijn op het eindresultaat. Ook van littekenmassage is een positief effect nooit bewezen.
Littekens ondergaan een natuurlijke rijping. Na twee weken hebben ze de maximale sterkte bereikt. In die fase wordt de weefsellas stevig gemaakt door middel van stugge vezels. Het litteken voelt dan stug aan, is rood en gevoelig. In de loop van de maanden daarna worden deze stugge vezels weer afgebroken en vervangen door elastische vezels. Het litteken wordt dan zachter. Ook de roodheid van het litteken trekt geleidelijk weg, zodat een bleek, onopvallend litteken overblijft. Soms worden littekens sterk gepigmenteerd. Dit gebeurt vooral als het litteken in een vroege fase aan zonlicht is blootgesteld. Die bruine pigmentatie benadrukt het litteken, wat beter vermeden kan worden. Het is daarom verstandig om in de eerste maanden na operatie zonlicht op het huidlitteken te vermijden of, als dat lastig is, een zonnecrème met een hoge beschermingsfactor op te brengen.

Hulp na ontslag
Na ingrijpende kankerbehandelingen wordt in het ziekenhuis voor ontslag bekeken welke hulp een patiënt de eerste periode thuis nodig zal hebben. Dat hangt natuurlijk sterk af van diens conditie, maar ook van de aanwezigheid van familieleden en vrienden die ondersteuning kunnen bieden. Bij ontslag wordt de huisarts op de hoogte gesteld van de operatie en het beloop. Zo nodig worden afspraken gemaakt met de wijkverpleging en met de betreffende thuiszorginstantie. Sommige patiënten hebben bovendien behoefte aan contact met maatschappelijk werk of aan psychologische ondersteuning. Daarnaast vinden veel patiënten steun bij patiëntenverenigingen, bij mensen die dezelfde ziekte te boven zijn gekomen.

Late effecten van kankerbehandeling
Of een kankeroperatie tot blijvende nadelige gevolgen leidt, is natuurlijk sterk afhankelijk van het soort kanker en het soort operatie. Voor alle typen kanker geldt dat het terugkomen van de kanker het meest nadelige effect is. Maar ook als de kanker niet terugkomt, zal de operatie vaak leiden tot veranderingen van het leven van een ex-patiënt.

Vermoeidheid
Uit onderzoek blijkt dat patiënten die van kanker genezen zijn soms nog lange tijd klagen over onbegrijpelijke vermoeidheid. Als gekeken wordt naar het soort behandeling dat zij hebben ondergaan, blijkt dat langdurige vermoeidheid het vaakst voorkomt bij patiënten die zowel operatie als bestraling als chemotherapie hebben ondergaan. Bij patiënten die alleen geopereerd zijn, is de vermoeidheid nadien relatief het minst en het kortst. Bijzonder is dat ook bij uitgebreid onderzoek geen verklaring kan worden gevonden waarom de ene patiënt wel vermoeidheidsklachten aan zijn behandeling overhoudt en de andere niet. Gelukkig is de klacht vrijwel altijd van tijdelijke aard. Sommige patiënten vertellen dat ze jarenlang steeds moe waren maar op zekere dag wakker werden en merkten dat het over was.
Omdat we niet goed begrijpen waar de vermoeidheid vandaan komt, is die ook lastig te behandelen. Regelmatige activiteit en gezonde voeding en levensstijl lijken toch de beste adviezen. Ook is het belangrijk dat deze mensen weten dat hun klacht niet uitzonderlijk is en zeker niet iets waarvoor zij zich moeten schamen.

Concentratieproblemen
Na narcose en operatie klagen sommige patiënten erover dat zij moeite hebben zich te concentreren. Het betreft hier vrijwel altijd een tijdelijk fenomeen en het is uitzonderlijk als de klacht na een jaar nog bestaat. Waarschijnlijk bieden moderne anesthesietechnieken beter bescherming aan de hersenen, waardoor de concentratiestoornissen tegenwoordig minder frequent voorkomen dan vroeger.

Kwaliteit van leven
De afgelopen jaren is veel onderzoek gedaan naar de kwaliteit van leven van ex-kankerpatiënten. Dit leidt soms tot verrassende uitkomsten. Zo bleek onlangs uit onderzoek bij endeldarmkankerpatiënten dat degenen die aan hun operatie een stoma voor ontlasting hadden overgehouden hun kwaliteit van leven gemiddeld als beter beoordeelden dan de patiënten bij wie de normale weg van de ontlasting bewaard had kunnen worden. Enkele jaren geleden was er sprake van een soortgelijke verrassende uitkomst uit kwaliteit-van-leven-onderzoek bij patiënten van wie een arm of een been geamputeerd was in het kader van hun kankerbehandeling. Dit betekent niet dat het niet de moeite waard is om zo sparend mogelijk te werk te gaan. Het betekent echter wel dat mensen blijkbaar over onvermoede reserves beschikken als het erom gaat met een handicap om te gaan. Het lijkt soms wel of mensen juist door hun handicap groeien naar een levenshouding die ze anders misschien nooit bereikt hadden.

Hervatten van normale activiteiten
Na een behandeling van kanker is het zaak dat de ex-patiënten de activiteiten van het normale leven weer oppakken. Het tempo waarin ex-patiënten dat doen wisselt in de praktijk heel sterk. Sommige mensen gebruiken hun werk min of meer als steun om zo snel mogelijk een moeilijke episode achter zich te kunnen laten. Anderen gebruiken hun confrontatie met kanker juist om het roer om te gooien en hun leven - waarvan zij ervaren dat het op het verkeerde spoor zat - definitief in een andere richting te sturen. Medisch gesproken is er weinig in te brengen tegen een redelijk snel hervatten van normale activiteiten. Een periode van een maand of drie is als regel voldoende om, ook na grote operaties van buik of longen, conditioneel weer boven jan te komen. Een mens is echter meer dan zijn lichaam alleen. Berucht zijn de ernstige depressies waarin mensen terecht kunnen komen na hun confrontatie met kanker. Controlerende artsen van bedrijven gaan als regel omzichtig om met werkhervatting, zodat mensen die wat meer tijd nodig hebben om voor zichzelf orde op zaken te stellen, die tijd ook krijgen.




terug verder




Gezond eten rond chemotherapie


Als je vanwege kanker chemokuren krijgt, heb je vaak weinig tot geen trek in eten en ook je smaak is geregeld heftig aangetast. Daarbij komt meestal ook nog eens een gevoelige mond en keel waardoor eten zelfs pijn kan doen. Diezelfde problemen kun je krijgen als gevolg van bestraling. Toch is het juist van essentieel belang voor het herstel – door goed te eten – je lichaam op gewicht te houden. Dit unieke kookboek – het eerste in z’n soort – helpt bij het gevecht weer beter te worden. Met allerlei praktische tips en inspirerende recepten om toch plezier in eten te houden.

Auteur(s) : José van Mil
Prijs : € 22,50
ISBN : 9789491549434