In samenwerking met :  

Nederlandse Vereniging voor Radiotherapie en Oncologie


 Inloggen
> registreren
lettergrootte: A  A  A
Behandeling van niet-kwaadaardige aandoeningen

In het begin van de twintigste eeuw was het gebruikelijk veel goedaardige aandoeningen te bestralen. In 1948 werden in een groot bestralingsinstituut in Nederland ruim 3.300 patiënten met een goedaardige aandoening bestraald en slechts 900 patiënten met een kwaadaardige aandoening. Tegenwoordig heeft 90 tot 95% van alle bestralingspatiënten kanker.
In de jaren zestig werd duidelijk dat er nog lange tijd na bestraling ernstige bijwerkingen konden optreden. Zo bleek dat jaren na afloop van een succesvolle bestraling een klein aantal patiënten andere vormen van kanker (vooral bloedkanker ofwel leukemie) kreeg. Vroeger leidde bestralen van de huid tot ongeneeslijke wonden. Ook ontdekte men dat kinderen een groeiachterstand konden oplopen als een groot deel van het skelet wordt bestraald. Men ontdekte dat bestraling van de hersenen bij kleine kinderen kan leiden tot verminderde productie van het groeihormoon. Ook hierdoor kan een groeiachterstand ontstaan. Dit is te voorkomen door tijdig groeihormoon toe te dienen.
Dit alles heeft ertoe geleid dat goedaardige aandoeningen sinds de jaren zeventig bijna niet meer met straling worden behandeld. De vraag blijft of dit juiste beslissingen zijn geweest. Immers, sommige vormen van kanker ontstonden pas jaren nadat de patiënt met bestraling (grote velden) werd behandeld. Dit komt niet veel meer voor.
Een groeiachterstand en huidproblemen kunnen nu grotendeels worden voorkomen. De laatste jaren worden goedaardige aandoeningen dan ook weer vaker behandeld met straling. Deze behandeling is vaak effectief. De patiënt heeft er weinig last van. De kosten zijn beperkt. Vaak worden kleine bestralingsvelden met een lage dosis bestraald. Vooral die goedaardige aandoeningen waarbij een ontstekingsproces de oorzaak is van het ziektebeeld, komen voor deze behandeling in aanmerking. Het doel van de bestraling is het ontstekingsproces af te remmen. We zullen nu een aantal goedaardige aandoeningen bespreken waarbij bestraling vaak succesvol kan worden toegepast.

Wild vlees of keloïd
Wild vlees (keloïd) ontstaat in littekenweefsel. Het is een toename van bindweefsel. Patiënten die eerder keloïd hebben gekregen na een operatieve ingreep, worden meestal bestraald. De bestraling moet zo snel mogelijk na de operatie starten.
Zowel uitwendige als inwendige bestraling wordt toegepast. De uitwendige bestraling wordt in enkele fracties in een week gegeven. Bij inwendige bestraling wordt, onder plaatselijke verdoving, een bronhouder ingebracht in het littekenweefsel. Uiteraard moet u hiervoor korte tijd in het ziekenhuis blijven als het een low dose rate-bestraling is. Met high dose rate-bestraling wordt op de dag van de operatie één fractie en worden op de volgende dag nog enkele fracties gegeven.

Extra botvorming
Na het inbrengen van een kunstheup kan extra botvorming in het nieuwe gewricht ernstige klachten geven, maar met bestraling kunnen die veelal worden voorkomen. De bestraling wordt bij voorkeur voor de operatie gegeven. De stralingsdosis wordt meestal in één keer toegediend.

Uitpuilende ogen of de ziekte van Graves
Patiënten met bepaalde afwijkingen van de schildklier kunnen oogafwijkingen krijgen. Dit ziektebeeld wordt Graves-ophthalmopathie genoemd. Kenmerkend voor dit ziektebeeld is dat één of beide oogbollen uitpuilen. Hierdoor ontstaan allerlei klachten zoals tranende ogen en verminderd gezichtsvermogen. Graves-ophthalmopathie is een ernstige ziekte. Men vermoedt dat een ontstekingsreactie achter de oogbol de oorzaak is. Bestraling lijkt een van de belangrijkste middelen te zijn om de klachten te bestrijden. Het is belangrijk dat de patiënt zo snel mogelijk uitwendig wordt bestraald. De behandeling duurt twee weken.

Pterygium
Vooral bij mensen die jarenlang in zonnige landen hebben geleefd, kan vanuit een ooghoek heel langzaam een bindweefselvliesje (pterygium) over het oog groeien. Het gezichtsvermogen neemt daardoor af. De gebruikelijke behandeling is een operatie, maar vaak blijkt dit niet afdoende te zijn. Het vliesje zal weer aangroeien. Daarom wordt de patiënt daags na de operatie bestraald. Onder plaatselijke verdoving wordt een klein rond radioactief schijfje geplaatst op het geopereerde gebied in het oog. De behandeling duurt maar tien minuten. Schadelijke bijwerkingen zijn niet te verwachten omdat de stralen maar één tot twee millimeter diep in de oogbol doordringen. Met een officiële studie is het nut van deze bestraling inmiddels aangetoond.

Maculadegeneratie
Maculadegeneratie is een ernstige oogaandoening die meestal op latere leeftijd ontstaat. Mede door een ontstekingsreactie in het centrale deel van het netvlies van het oog kan deze uiteindelijk leiden tot totaal gezichtsverlies. Er zijn sterke aanwijzingen dat de gevolgen van maculadegeneratie in belangrijke mate beperkt kunnen worden door bestraling. Wel is belangrijk dat u zo snel mogelijk uitwendig bestraald wordt. De bestraling duurt twee weken. Schadelijke bijwerkingen zijn niet te verwachten omdat de dosis straling laag is.

Kluwen van abnormale bloedvaatjes of AVM
Arterioveneuze malformaties (AVM) worden gekenmerkt door een kluwen van niet-normale bloedvaten. Het grote gevaar is dat hierdoor bloedingen kunnen optreden. Dit is vooral een probleem als dat in de hersenen gebeurt.
Een van de manieren om deze ziekte te behandelen is bestraling. Bij AVM in de hersenen wordt gebruikgemaakt van een speciale techniek (de stereotactische bestraling). Heel kleine gebieden kunnen heel nauwkeurig met een hoge dosis worden bestraald. De voorbereiding voor een dergelijke behandeling is tijdrovend. De stralingsdosis wordt vaak in één of twee keer toegediend.

Morbus Peyronie
Bij deze ziekte ontstaan onderhuidse verdikkingen (fibrotische plaques) in de schacht van de penis. Deze kan daardoor scheef gaan staan. Er kan pijn bij optreden, die kan verergeren bij een erectie. De oorzaak van de ziekte is onbekend. Bestraling vermindert de pijn en geeft bij 20% van de bestraalde mensen een vermindering van de scheefstand van de schacht van de penis.

Amyotrofische lateraal sclerose (ALS)
Dit is een ziekte van de motorische voorhoorncellen, waarbij spierzwakte, ook van de kauw- en slikspieren optreedt. Tevens kan er speekselvloed optreden. Dit kan worden tegengegaan met bestraling van de speekselklieren.

Borstvergroting door hormonen bij mannen (Gynaecomastie)
Als bijwerking bij oestrogeen therapie (bijvoorbeeld voor prostaatkanker) kan vergroting van de borstklieren optreden. Dit kan ook klachten (bijvoorbeeld pijn) veroorzaken. Borstvergroting kan worden voorkomen door voorafgaand aan de oestrogeentherapie de borstklieren te bestralen. Helaas lijken de pijnklachten van de borstvergroting niet door de bestraling te worden beïnvloed. De bestraling hoeft maar een paar keer gegeven te worden.

Bestraling van de milt
Bij patiënten met chronisch myeloide leukemie kan een miltvergroting optreden. De milt kan dan bestraald worden. Dit gebeurt met een heel lage dosis per keer en voorafgaand aan elke bestraling wordt de milt door palpatie (voelen) gemeten. Ook kan een echo van de milt gemaakt worden om de grootte vast te stellen.




terug verder




Gezond eten rond chemotherapie

Als je vanwege kanker chemokuren krijgt, heb je vaak weinig tot geen trek in eten en ook je smaak is geregeld heftig aangetast. Daarbij komt meestal ook nog eens een gevoelige mond en keel waardoor eten zelfs pijn kan doen. Diezelfde problemen kun je krijgen als gevolg van bestraling. Toch is het juist van essentieel belang voor het herstel – door goed te eten – je lichaam op gewicht te houden. Dit unieke kookboek – het eerste in z’n soort – helpt bij het gevecht weer beter te worden. Met allerlei praktische tips en inspirerende recepten om toch plezier in eten te houden.

Auteur(s) : José van Mil
Prijs : € 19,95
ISBN : 9789066116481

Bestraling: wat betekent dat voor mij?

Wat is kanker? Hoeveel mensen lijden in Nederland aan hanker? Hoe is kanker te voorkomen? Hoe wordt het in Nederland behandeld? Wat gebeurt er op de afdeling radiotherapie en waarom wordt iets gedaan? Welke manesn komt u op deze afdeling tegen en wat doen zij? Op al deze vragen krijgt u in dit boek antwoord.

Auteur(s) : dr. H. Kal / Prof. dr. H. Struikmans / dr. V. de Ru
Prijs : € 17,95
ISBN : 9789066113404

Registreren
Wilt u regelmatig onze nieuwsbrief met actuele gezondheidsinformatie en aanbiedingen rond boeken ontvangen, ga dan naar de registratiemodule.