Inloggen
> registreren
lettergrootte: A  A  A
De symptomen

 
Alle mensen met een persoonlijkheidsstoornis hebben een aantal gemeenschappelijke kenmerken. Ze hebben innerlijke ervaringen die anders zijn dan gebruikelijk, en vertonen gedrag dat afwijkt van de norm. Dit patroon van ervaringen en gedragingen is star, ze kunnen zich niet zomaar anders opstellen, zelfs als ze merken dat het tot problemen leidt in de contacten met hun omgeving. Bovendien is het ook een karakteristiek patroon voor die persoon. Toegepast op de drie verhalen uit het vorige hoofdstuk levert dat het volgende beeld op:

Overlevingsstrategie
Het hierboven genoemde patroon is ontstaan in de jeugd of vroege volwassenheid, vaak doordat mensen met een persoonlijkheidsstoornis als kind verwaarloosd werden of nare dingen meemaakten, zoals ook blijkt uit de verhalen van Berdien en Annette. Dergelijke persoonlijkheidsstoornissen worden ook wel gezien als aanpassingen aan moeilijke omstandigheden, als ‘overlevingsbesluiten’. Deze aanpassingen hebben krachtige kanten omdat ze de persoon helpen zich staande te houden onder moeilijke omstandigheden. In zijn of haar ogen vormden ze de beste manier om te voldoen aan de eisen van het gezin en de omgeving.
Iedereen maakt in meer of mindere mate gebruik van dergelijke aanpassingen, maar bij de persoonlijkheidsstoornissen overheersen de negatieve kanten van de aanpassing en zijn ze niet langer functioneel. Dan gaan mensen zich ook anders voelen: in situaties waarbij andere mensen bijvoorbeeld boos zouden worden, worden zij bang of gaan zich terugtrekken. Verder ontwikkelen ze ook aparte gedachten. Als ze bijvoorbeeld een kamer binnenkomen waar al een groepje mensen staat te praten en te lachen, denken ze al snel dat het over hen gaat of dat ze worden uitgelachen. Soms zijn ze impulsief, doen ze dingen waar ze achteraf spijt van hebben of waardoor anderen denken ‘dat is een rare’, zoals zich vreemd kleden, opeens weglopen zonder uitleg te geven, of plotseling in woede uitbarsten en zich achteraf daar niet voor verontschuldigen.
Al deze dingen hebben uiteraard een negatieve invloed op de contacten met anderen. Er ontstaan vaak problemen in relaties omdat ze steeds korte vriendschappen of relaties hebben die uit raken als het tot grotere intimiteit komt. Om dezelfde redenen zijn er op het werk vaak conflicten, ziekmeldingen, of problemen in de communicatie. Zowel de persoon zelf als anderen in de omgeving lijden daaronder.
Om een persoonlijkheidsstoornis te kunnen vaststellen, moet er sprake zijn van alle hierboven genoemde kenmerken. Daarnaast wordt er onderscheid gemaakt tussen een aantal verschillende persoonlijkheidsstoornissen, maar deze worden later besproken.

Ook zonder behandeling functioneren
Een persoonlijkheidsstoornis heeft dus gevolgen voor het sociaal en beroepsmatig functioneren. Mensen maken vaak een opleiding niet af, krijgen conflicten of andere problemen op het werk, hebben moeite om een vaste relatie te krijgen of te behouden en om een vriendenkring op te bouwen. Toch zoeken veel mensen met een persoonlijkheidsstoornis geen hulp en daar hebben ze verschillende redenen voor. Vaak hebben ze het idee dat ze nu eenmaal zo zijn en toch niet kunnen veranderen. Soms vinden ze dat ze zelf geen probleem hebben, maar dat het aan anderen ligt. Het komt voor dat iemand zich vrij lang staande kan houden, ondanks allerlei symptomen. De ernst van de persoonlijkheidsstoornis hangt namelijk niet alleen af van de symptomen, maar ook van de gevolgen ervan. Sommige mensen slagen er wonderwel in om een omgeving op te zoeken waarin zij met hun persoonlijkheidsstoornis redelijk kunnen functioneren. De stoornis kan zelfs voordelen hebben: een boekhouder moet precies zijn, op het dwangmatige af; een actrice moet ervan genieten om in het middelpunt van de belangstelling te staan en kan dan soms theatraal overkomen; een typiste moet er geen probleem mee hebben dat ze de opdrachten van haar chef moet uitvoeren dus een wat afhankelijke instelling kan dan goed uitkomen; de CEO van een groot bedrijf moet van uitdagingen houden en graag de beste willen zijn, dus een bepaalde mate van narcisme is noodzakelijk. Soms komt iemand pas in behandeling als steunpilaren zoals het werk of de relatie plots veranderen of wegvallen.
Als iemand wel kenmerken heeft van een persoonlijkheidsstoornis, maar daarmee toch nog redelijk kan functioneren, spreken we ook wel van een persoonlijkheidsaanpassing of van ‘trekken van een persoonlijkheidsstoornis’.
Kortom, bij persoonlijkheidsstoornissen gaat het om een grote groep mensen met aanzienlijke problemen die lang niet altijd behandeling zoeken.

Onderverdeling van de persoonlijkheidsstoornissen
We kunnen de persoonlijkheidsstoornissen in drie verschillende clusters onderverdelen:

• Cluster A
In dit cluster treffen we mensen die door anderen vaak vreemd, apart of excentriek gevonden worden. Ze stellen zich afzijdig van anderen op, leven een geïsoleerd bestaan en hebben weinig behoefte aan contacten met anderen. Binnen dit cluster onderscheiden we de paranoïde, schizoïde en de schizotypische persoonlijkheidsstoornis.

• Cluster B
Hierin delen we de mensen in die juist opvallen door hun extraverte, soms zelfs dramatische gedrag. Het zijn mensen die in het middelpunt van de belangstelling (willen) staan, en gemakkelijk de aandacht op zich vestigen. Ze houden van uitdagingen en nieuwe ervaringen, en zoeken vaak de contacten met mensen op. Binnen dit cluster onderscheiden we de borderline, de narcistische, de theatrale, en de antisociale persoonlijkheidsstoornis.

• Cluster C
In dit cluster vallen de mensen die, net als de mensen in cluster A, een angstige, introverte, geremde en dwangmatige aanleg hebben, maar in tegenstelling tot cluster A hebben zij wel behoefte aan contact met en waardering door de omgeving. In dit cluster onderscheiden we de ontwijkende, de afhankelijke en de obsessief-compulsieve persoonlijkheidsstoornis.



Het is duidelijk dat bij de verschillende clusters een verschillende aanleg in temperament een rol speelt. Soms wordt hierbij de volgende indeling gebruikt:
In de voorbeelden uit het vorige hoofdstuk past Annette in cluster A, Berdien in cluster B en Charles in cluster C. In de volgende drie hoofdstukken werken we de symptomen per cluster verder uit.




terug verder




Waarom ben je zo?

Mensen met een persoonlijkheids stoornis gedragen zich in de regel niet vreemd. Ze zijn niet in de war of erg somber, ze praten en handelen hetzelfde als meeste mensen. Toch hebben ze een ernstig probleem, omdat hun aandoening hun hele persoon treft. Tegelijkhertijd ervaren ze de aandoening vaak niet als een stoornis.

Auteur(s) : Dr. Moniek Thunnissen
Prijs : € 19,95
ISBN : 9789066116887