Auteur:
Dr. Leo van Deursen
 
In samenwerking met :  

Nederlandse Vereniging voor RugpatiŽnten De wervelkolom


lettergrootte: A  A  A
Artrose

‘Volgens de Röntgenfoto’s is mijn rug versleten! Hoe kan dat nou? Ik ben nog geen dertig!’ Dan zit een mens toch maar vreemd in elkaar. Als huisarts kwam ik dagelijks in het bejaardentehuis, maar vrijwel nooit ben ik geroepen voor rugklachten. En die ruggetjes waren toch echt versleten! ‘Vroeger heb ik veel rugklachten gehad dokter, maar nu gaat het wel’, is wat ik te horen kreeg. Dus kennelijk gaan de klachten ooit over. Schrale troost als je net dertig bent. En waarom nu al versleten?

Misplaatste term
Meestal is het woord ‘slijtage’ hier niet op zijn plaats. Slijtage doet immers vooral denken aan overmatig gebruik en veroudering. Dit past misschien wél bij hoogbejaarden, maar niet bij jonge mensen. Op röntgenfoto’s kunnen we de volgende ‘afwijkingen’ zien die de kreet ‘slijtage’ oproepen.

Afwijkingen
Regelmatig ziet men een versmalde tussenwervelschijf. Wanneer de tussenwervelschijf beschadigd is (zie Spit of Chronische discopathie) raakt hij geleidelijk versmald. Eerder vergeleek ik dit proces met een fietsband die langzaam leegloopt. Je hebt bandenpech gehad. Je bent over een punaise gereden (zie Spit) of hebt een klapband opgelopen (zie Hernia) en je band is inmiddels leeggelopen en bijna plat. Je hebt dan niet de neiging om meteen te zeggen dat je fiets totaal versleten is. Jammer is wel, dat onze tussenwervelschijf meestal plat blijft en we er niet zo snel een nieuwe in zetten. Toch kan dat overigens wel, het plaatsen van een discusprothese. Als je flink blijft bewegen, pompt de tussenwervelschijf zichzelf nog wel een beetje bij, maar het blijft toch belabberd rijden en bij het fietsen voel je iedere hobbel in de weg. Dan regelt de natuur dat rondom een versmalde tussenwervelschijf spondylose of spondylotische haakvorming ontstaat. Benige haken die de tussenwervelschijf min of meer inpakken.

Dus, de tussenwervelschijf is ingezakt, je band is slap. Rijden met een kapotte slappe band is een crime. Hij ‘wobbelt’ van de ene naar de andere kant. De wervels krijgen de kans om over elkaar heen te schuiven en de rug wordt instabiel (zie Instabiele discopathie). En nu gaat de natuur haar best doen om een zo goed mogelijke oplossing te vinden voor dit probleem. Zij gaat, bijna letterlijk, de leeggelopen tussenwervelschijf inpakken door het bot er overheen te laten groeien (zie figuur 24). Spondylotische haakvorming of spondylose noemen we dat.
Jammer genoeg wordt dit dan vaak voor slijtage, artrose en degeneratie versleten, maar ik noem het liever puntlassen. De natuur last een instabiel scharnier op deze manier vrijwel compleet aan elkaar. Zit het eenmaal vast, dan doet zo’n tussenwervelschijf niet meer mee en heb je er ook géén last meer van. Vandaar dat ouderen ook écht geen last meer van hun rug hebben. Akkoord, ze zijn wat stijver, maar dat doet geen pijn. Soms vragen we de chirurg om het vast te zetten (een spondylodese), maar neem maar van mij aan dat de natuur bij allerlei rugaandoeningen druk in de weer is om je beter te maken.

Figuur 24

Nadelen
Dit puntlassen (spondylotische haakvorming) heeft op termijn maar enkele nadelige gevolgen. Door de uitwas aan de achterzijde kan het ruggenmergkanaal vernauwd raken en daardoor kan het ruggenmerg soms klem komen te zitten (zie: Neurogene claudicatio en Kanaalstenose/Syndroom van Verbiest). Door deze botaangroei kan ook de opening waar de zenuw door naar buiten moet wat vernauwd raken (recessusstenose). Hierdoor kan de zenuw dan soms bij een bepaalde stand of houding in de klem komen te zitten.

Spondylartrose
Door de versmalling van de tussenwervelschijf zakken ook de aan de achterzijde gelegen gewrichten dichter op elkaar en ontstaat irritatie van de facetgewrichten met mogelijke klachten (zie Facetsyndroom). Ook hiervoor biedt ‘puntlassen’ een oplossing. Liever géén gewricht dan een slecht gewricht, is kennelijk de gedachte van de natuur. Natuurlijk wordt je er wel iets stijver van, maar je hebt nog een groot aantal gewrichten over! Blijf in beweging en zorg dat de andere gewrichten in optimale conditie blijven.
Nu begrijpt u dat het mogelijk is dat men bij een willekeurige groep mensen zónder rugklachten méér artrose kon vaststellen dan bij een groep mensen mét rugklachten.

Bij grote zwaar belaste gewrichten, zoals het heupgewricht, is het lastiger om het nut van deze artrose te bewijzen, maar meestal doet het proces van de artrose meer goed dan kwaad. Het kwaad kan bijvoorbeeld ook gewrichtsontsteking door reuma of jicht zijn. Door de ontsteking raakt het gewrichtskraakbeen beschadigd en treden pijn en bewegingsbeperking op. Reumatische aandoeningen kennen op hun beurt weer vele soms onduidelijke oorzaken: erfelijke componenten naast bijvoorbeeld een allergie voor voeding. Door verstijving nemen ook hier de klachten bij de bewegingen af. De prijs die we ervoor betalen is dan de bewegingsbeperking. Dus als u hoort dat uw rug versleten is, is er juist weer hoop!

Coxartose of ‘versleten heup’
Zei ik eerder dat artrose een beschermende maatregel van de natuur is en dat de kreet slijtage niet op zijn plaats is, heupartrose lijkt een uitzondering op deze regel te zijn. Sinds de mens in de evolutie rechtop is gaan lopen, worden de heupen zwaarder belast dan voorheen bij de viervoeter. Niettemin lijkt het met de schade van deze enorme vooruitgang gelukkig nogal mee te vallen. Heupslijtage, coxartrose, is een kwaal van de ouderen onder ons en als we het krijgen is er meestal ook een constructiefoutje aan voorafgegaan. Als op het consultatiebureau al werd vastgesteld dat uw heupen niet goed gecentreerd stonden, blijkt u een verhoogde kans op slijtage van het heupgewricht te hebben. Net als wanneer de scharnieren van een deur eerder slijten wanneer ze niet goed afgesteld zijn, zullen uw heupen sneller slijten bij een dergelijk aanlegfoutje. En wanneer u als jongetje van tien jaar een ontsteking van uw heup (coxitis fugax) hebt gehad of een afgegleden heupkop (ziekte van Perthes), dan stijgt de kans op het ontstaan van artrose van de heup.
Overigens zijn er niet veel aanwijzingen voor het ontstaan van heupslijtage door meer of minder gebruik van de heupen, dus houdt u wat dat betreft niet in om ze te gebruiken.
Merkwaardige oorzaken zag ik ooit vanuit alternatieve hoek, waarbij het leek of een verhoogde spanning in het lichaam de aanleiding voor de slijtage was. Opheffen van deze spanning (nota bene vanuit een hoektand of een litteken op de bovenlip! Zie het Toon Hermans-syndroom) gaf alsnog een aanzienlijke verbetering in de heupbeweeglijkheid, ondanks de bestaande artrose.
Klachten treden bij heupartrose meestal pas laat op. Kennelijk beschermt het proces op zich ons ook hier tegen het optreden van pijn door slijtage. Pas wanneer de bewegingen fors beperkt raken en men het been echt niet meer goed naar achter kan strekken en niet meer verder dan 90 graden kan buigen, komt men in de problemen. Fietsen, zitten en liggen gaan lange tijd nog goed, maar lopen wordt geleidelijk lastiger. In toenemende mate loopt men met een gebogen heup en wordt de paslengte minder.
Gelukkig is de geneeskunde al lang geleden begonnen met het plaatsen van heupprothesen en inmiddels zijn de technieken dusdanig gevorderd dat dit nauwelijks nog problemen oplevert.



terug verder




Een steuntje in de rug


e-book

Prijs : € 14,99
ISBN : 9789491549120