Hartelijke dank voor uw bijdrage


Auteur:
Dr. Leo van Deursen
 
In samenwerking met :  

Nederlandse Vereniging voor Rugpatiënten De wervelkolom


lettergrootte: A  A  A
Blokkeringen

Het klinkt zo logisch: ‘je rug zit geblokkeerd’, wanneer je geen kant meer uit kunt nadat het in je rug geschoten is. Toch is deze uitspraak omstreden. Want, wát zit er dan geblokkeerd en waarom? Het lijkt zich in de gewrichten af te spelen, maar hoe zeker is dat? Er is nooit enig bewijs voor dit blokkeren geleverd. Vandaar ook dat het behandelen van deze blokkeringen nog steeds met de nodige scepsis bekeken wordt en manuele therapie toch nog iets alternatiefs heeft.
Hippocrates, de vader der geneeskunde, sprak al over ‘parathremata’, waarmee hij een soort ‘verschuivingen’ bedoelde. En eigenlijk zijn we diagnostisch nooit verder gekomen dan Hippocrates. Erger nog, men vliegt elkaar in de haren om de ander van zijn gelijk te overtuigen. Gewrichten zouden verschoven, ingeklemd, geblokkeerd of verdraaid zijn. En al deze standpunten hebben evenzovele scholen opgeleverd.

Een la die klemt
Echt uit de kom is het gewricht niet, immers, dit zouden we op röntgenfoto’s moeten kunnen zien. Het wordt wel eens vergeleken met ‘een la die klemt’. Zonder dat er daadwerkelijk veel beschadigd of verplaatst is, wil het even niet meer. Maar wanneer we één keer goed trekken of duwen gaat hij weer gewoon open en dicht. En ook is duidelijk dat er iets mis is. Dat iets niet goed meer wil bewegen en het pijnlijk is wanneer je het toch probeert. Maar, de anatomische verklaring van het geblokkeerd zijn ontbreekt nog steeds.
Ook naar de oorzaken blijft het gissen. Men veronderstelt endogene oorzaken, oorzaken van binnenuit, en exogene oorzaken, oorzaken van buitenaf. Aandoeningen in de tussenwervelschijven, banden en gewrichten, maar ook aandoeningen in inwendige organen, spierweefsel, bindweefsel en huid zouden een rol kunnen spelen als endogene oorzaken. Door de inwendige spanning die deze aandoeningen oproepen, zou spierspanning en bewegingsbeperking kunnen ontstaan.
De exogene factoren zouden vooral betrekking hebben op uitwendige belasting, zoals de lichaamshouding, de lighouding en zithouding, maar ook de werkhouding en werkbelasting. Zo zal buikslapen vroeg of laat tot problemen in de nek leiden. Als we nog jong zijn, kan onze nek dit best aan, maar worden we eenmaal wat stijver en blijven we op onze buik slapen, dan staan we ’s morgens soms met een stijve nek op. We zullen het buikslapen dan moeten afleren.

Spanning
Spanning lijkt een belangrijke rol te spelen bij het krijgen van deze blokkeringen. Die hoeft niet echt tussen de oren te zitten, ze kan worden opgeroepen door bepaalde aandoeningen, maar kan ook een meer praktische oorzaak hebben en heeft dan vaak te maken met voorkeursbewegingen en aanleg. Stel dat u van nature, erfelijk bepaald dus, gesloten en meer in uzelf gekeerd bent, dan is het lastig om vertegenwoordiger te worden en uzelf open te stellen voor de buitenwereld. Uw aanleg is strijdig met uw beroep. U komt in de knoop met uw spieren en u loopt letterlijk vast. U moet dan werk kiezen dat beter bij u past, of u moet u speciaal gaan trainen op een meer extraverte houding. Maar niet iedereen is fysiek geschikt om voetballer te worden, en ook atleten worden geboren. En een ‘rechtse’ schaar is lastig voor een linkshandige. Het is tenslotte nog niet zo gek wanneer uw lijf u waarschuwt om een beroep te kiezen dat beter bij u past en waarvoor u in de wieg gelegd bent.

Beveiligingsfunctie
Misschien wat vreemd, maar mijn persoonlijke overtuiging is dat dergelijke blokkeringen of functiestoornissen eerder optreden als een beveiliging van het lichaam, dan als een kwaal op zich. Volgens mij zijn ze aanvankelijk vaak nuttig! Liever spreek ik dan ook van een ‘défense articulaire’, naar analogie van de ‘défense musculaire’. Dat betekent het volgende: Wanneer het in uw rug schiet en u uw tussenwervelschijf ‘verrekt’, dan schieten uw spieren in een kramp, bedoeld om erger te voorkomen. Immers, als u nog verder zou bukken, hebt u de kans dat uw tussenwervelschijf helemaal doorscheurt en u een hernia oploopt. Om dat te voorkomen, bouwt u met uw spieren een verdediging op: de défense musculaire. Om u nog verder te helpen kan uw lichaam ook een aantal gewrichten op slot zetten: de ‘défense articulaire’. Dit is wat er feitelijk geconstateerd wordt. Bij een spitaanval zijn spieren fors verkrampt en zitten meerdere gewrichten geblokkeerd. Als we niets doen en de natuur haar gang laten gaan, zijn zowel de spierverkramping als de gewrichtsblokkeringen na een week meestal weer geheel verdwenen. Is de spitaanval echter zo erg dat van een kleine of grotere hernia sprake is, dan blijken zelfs na enkele weken de spierverkramping en de blokkeringen nog aanwezig. Wanneer de blokkeringen dan behandeld worden, zullen deze ook snel weer terugkeren, omdat het lichaam immers nog steeds iets te verdedigen heeft.

Tijdelijk
Meestal zijn blokkeringen tijdelijke reacties, die niet direct behandeld hoeven te worden. Toch lijkt het erop dat de tijd hier een speciale rol vervult. Als de overbelasting of het letsel langer dan ongeveer zes weken aanhoudt, lijkt het lichaam de controle over de verdedigingsreactie op de automaat te zetten. Vanuit meerdere invalshoeken is aangetoond dat het lichaam na een bepaalde tijd de controle overdraagt aan een lager niveau en gebruik gaat maken van de spinale reflexbogen (reflexen die via het ruggenmerg verlopen). Waar de controle eerst via de hersenen verliep wordt vanaf nu de bescherming op ruggenmergniveau geregeld.

Gevolgen
Lastig is wel dat ook deze blokkeringen directe en indirecte gevolgen hebben. Een direct gevolg is dat u zich minder goed kunt bewegen. Het bukken en het draaien naar links bijvoorbeeld verloopt slechter. En dus hebt u een probleem wanneer u deze beweging tijdens uw werk hard nodig hebt. Het forceren van deze beweging is meestal pijnlijk, met uitstraling in de rug of verder. De stand en de beweeglijkheid van het gewricht lijken bij lokaal onderzoek verstoord. Een directe reactie is ook de hypertonie (verhoogde spierspanning) en de hyperaesthesie (overgevoeligheid van de huid) van die spieren en delen van de huid, die bij deze gewrichten betrokken zijn. Wanneer de bovenste halswervels betrokken zijn, kunnen door deze verhoogde spierspanning ook hoofdpijn en duizeligheid ontstaan. Vaak wordt dan gesproken over spierspanningshoofdpijn. Deze spierspanning strekt zich uit tot tussen de schouderbladen en veroorzaakt pijn tussen de schouderbladen en blokkade van ribben. Door het blokkeren van ribben wordt het moeilijk om de schouders en armen naar boven te bewegen en krijgt men het gevoel dat de armen te zwaar geworden zijn.
De indirecte gevolgen leiden vaak nog véél verder. Zij maken het vak van de manueel geneeskundige enerzijds moeilijk, maar anderzijds heel boeiend en dankbaar. Laat ik een voorbeeld geven:
een veel voorkomend orthopedisch probleem is de slijmbeursontsteking in de schouder (bursitis subacromialis). Om wat voor reden dan ook is de slijmbeurs ontstoken geraakt. Het opzij omhoog bewegen van je schouder is erg lastig. Je kunt er wel doorheen komen, maar als je dan je arm weer laat zakken, schiet de pijn door je schouder heen. Met rust en cortisoninjecties is dit wel te bestrijden, maar het blijkt ook weer heel gemakkelijk terug te komen.
De achtergrond is, dat wanneer je arm naar boven beweegt, hij als het ware onder een afdakje door moet. Dit gaat het beste wanneer de bovenarm iets naar buiten gedraaid wordt. Anders lopen spieren en slijmbeurs rond de schouderkop het risico een beetje afgekneld te worden. Dit beetje naar buiten draaien nu, blijkt het kardinale punt te zijn. Wanneer het namelijk niet lukt om de arm automatisch iets naar buiten te draaien tijdens deze beweging, is de kans op afklemming groot. Dit kan bijvoorbeeld doordat een spier die de arm naar binnen kan draaien té sterk gespannen staat. De latissimus dorsi is zo’n spier die aanhecht aan de voorzijde van de bovenarm en die de bovenarm naar binnen draait. De oorsprong (plaats van herkomst) van deze spier zit onder in de rug op de bekkenkam en de wervelkolom. Maar wanneer nu het bekkengewricht om de een of andere reden geblokkeerd raakt, raakt ook de latissimus dorsi verkrampt en trekt je bovenarm naar binnen. Het gevolg is een steeds terugkerende slijmbeursontsteking in de schouder! Om de schouderproblemen efficiënt op te lossen moet je dan wel het bekkengewricht eerst behandelen.
Begrijpt u hoe lastig het kan zijn?

Behandeling
Het behandelen van deze blokkeringen heeft ook zeker zijn positieve kanten. Manipuleren blijkt efficiënt, mits de onderliggende endogene of exogene oorzaken verdwenen zijn (zie hoofdstuk Behandeling, de paragraaf Wat is kraken nu eigenlijk?). Indien de tussenwervelschijf in uw rug na enkele maanden hersteld is, of de stress op uw werk is opgelost, zal zelfs een éénmalige manipulatie voldoende kunnen zijn om de blokkeringen blijvend op te lossen. Maar als u tóch weer op uw buik gaat slapen, kan het probleem snel weer terugkeren en blijft het misschien wel dweilen met de kraan open. Bovendien blijkt het opsporen van de diepere oorzaak nog niet zo gemakkelijk. Is het uw houding, uw werk, uw aanleg, de stress, uw sport of heeft het nog te maken met wat ik vroeger heb meegemaakt? (Zie ‘Het Toon Hermanssyndroom’, pag. 87)



terug verder